Juf, ik heb het veel te warm!

We horen het de laatste dagen wel meer met dit tropische weer. Dus wat doen wij als leerkracht als het zo warm is?

De laatste twee weken zijn aangebroken en ook het laatste thema. Voorbije week gingen we al naar het zwembad en vertrokken we op schoolreis. Het meest logische is dat we nu verdergaan op onze zomerkriebels. Zomerkriebels zoals logeren, kamperen en vakantie. Het zonnetje is van de partij en dat maakt het thema wel af. Toch steeg de temperatuur hoger dan normaal. Vooral als je in een klas zit waar de zon bijna de hele dag aan de muur vastgeklampt blijkt te zijn. Dus besloten we een klein ‘zwembadje’ te maken in de klas waarin al het speelgoed wordt gewassen en gesorteerd zodat de kleuters die komen ‘logeren’ alles proper kunnen waarnemen. Neen, geen echt zwembad, wel een klein badje. Nu ja, er kan wel een kind in. En het verfrist, maar niet genoeg.

Dus na een korte tijd zei ik hen dat we naar buiten gingen gaan. We speelden ‘Wolfje, hoe laat is het?’ in een nattere versie en water-tikkertje met letters. Wat hadden ze (water-)pret! Ook andere juffen mochten even het plezier delen. De ene vond dat al leuker dan de andere. Persoonlijk vind ik dat iedere juf dat zelf beslist en dat iedere keuze wel ok is. Als je zelf niet goed tegen de warmte kan, ga je niet gaan rondhollen met een waterspuit. Zo ben ik wel niet. Als je iemand afleidt van een ‘probleem’, dan bestaat het ‘obstakel’ even niet meer. In dit geval vergaten de kleuters de warmte en ik was ook vergeten welke kwaaltjes die warmte allemaal meebracht.

Vooral de kinderen enorm veel laten drinken. Van mij mochten ze wanneer ze wilden drinken. Aangezien ze bij ons alleen maar water mogen meenemen naar school, konden ze hun drinkbus overal met zich meepakken en terug aanvullen.

Rustige leerrijke spelletjes en verhalen. Reisverhalen of tijd voor een voorleesboek. Op dat vlak hield ik het rustig in de klas.

Zelf waaiertjes maken en wind proberen te maken. Hola pola een techniek-activiteit. Na een heel jaar rond techniek te werken, kon deze ook niet ontbreken.

De komende dagen wordt het ook nog lekker warm en dan gaan we deze ook zo goed mogelijk proberen in te vullen met leuke activiteiten, maar het allerbelangrijkste, we gaan kijken naar de kinderen. Hoe zij zich voelen. Want ondanks al onze voorbereide activiteiten blijft het kind centraal. Daar valt zelf niets aan toe te voegen.

Alleen…

Spitter spetter spat, morgen worden we allen weer nat! ūüôā

Afbeeldingsresultaat voor spetter spat

 

Ik ben te moe voor het woord ‘moe’

De vermoeidheid kruipt stilaan overal mijn lichaam binnen, als een dief in de nacht. Deze week besefte ik het maar al te goed.

Maandag. We begonnen redelijk goed aan de week, al had ik niet goed geslapen die voorbije nacht. Dat hield me niet tegen om meteen het thema in te vliegen. Kleuters vertelden over hun ervaringen met het zwembad en wat we wisten, werkten we uit in de hoeken. Mijn ideetjes van de diploma-uitreiking begon ik uit te werken en ontdekte dat er al 1 kindje niet bij ging zijn. Spijtig. De kleuters waren in hun nopjes en waren hun oren thuis vergeten terwijl hun monden de sleutel niet konden vinden om dicht te gaan. Ik telde tot 10.

Dinsdag. De dag om met de kleuters mee te gaan zwemmen werd verstoord door datgene waar vrouwen niet over praten met mannen(Anders zouden die een trauma opdoen, we besparen hun dat). Ik noem het de rode gloed. Hoe dan ook, ik was teleurgesteld dat ik als klasjuf niet mee kon spetteren en spatten. En deze keer hadden ze hun oren niet vergeten, maar staken er bananen in. Ik kon de ingang weer vinden, maar het was niet simpel. Ik telde weer tot 10, wel tien keer. Erna was het nog tijd om met de ¬†collega’s onze ¬†hersenen te pijnigen tot deze niet meer functioneerden, voor die dag.

Woensdag. Mijn eerste pechdag als ik terug kijk. Verf op de broek, op mijn tenen getrapt(letterlijk), een kleuter die steeds maar hetzelfde storende gedrag vertoonde., een moeder die kwam klagen over de voetzool van haar zoon terwijl hij zijn schoenen niet uit had gedaan in de klas. Mijn dochter viel in slaap in de zetel van vermoeidheid terwijl ik betalingen deed of toch probeerde. Door 1 of andere reden kon ik dit niet doen. Wat zeg ik? De verbinding kon niet gemaakt worden. Joepie. Even later wilde ik aan het eten beginnen, maar mijn hand deed iets wat ik niet wou en het zout vloog de lucht in. “Mama, er is zand in de keuken!” Ja, zij vond het leuk. Even gauw naar het toilet werd een flop. Haast en spoed zijn zelden goed. Juist. Alhoewel ik vond dat het er niets mee te maken had. Meneer moest de wc- bril maar naar beneden hebben gedaan. Een geluk dat ik nog moest douchen. Ik telde tot 10 maal 10.

Donderdag. Ik begon mijn dag door mijn vinger per ongeluk tegen de deur te slaan. Tja. Er was file op de baan. Niet ongewoon, maar ik stond vaker stil dan anders.  Ik had vreetbuien, yum en waar was die motilium weer? Herhalen van afspraken met de kleuters en die telrij nog eens opzeggen in mijn hoofd en eens met de kleuters. Van nul tot tien en van tien tot nul.  Ook wanneer ik voor de tweede keer mijn man vervloek voor die wc-bril.

Vrijdag. Schoolreis. Eigenlijk zegt dit al genoeg. Maar ik wil best enkele belangrijke woorden meegeven. Kots op de bus. Wilde dieren(ik heb het niet over een dierentuin). Na 5 stappen: “Ik ben moe!” Ge -‘juuuuf’ op de bus. File naar huis. Geroep en gehuil in de winkel. Hetzelfde thuis. Ik tel niet meer tot tien, want ik weet niet meer hoe.

En nu? Nu zit ik rustig in mijn zetel en ik voel de vermoeidheid aan mijn oogleden trekken. De woordenstroom begint te stoppen, dus…

10,9,8,7,6,5,4,3,2,1,weekend!

One last time

plets

ik voel ze op mijn hoofd

totaal aanvaard

veroorloofd

maar de laatste plons

krijgt geen plaats

te nat

overboord

 

Ik heb mezelf beloofd niet te gaan klagen op deze blog dus dat ga ik ook niet doen, daarmee dit kleine gedicht. Ik hou ervan om een juf te zijn, want ik leer echt zoveel van hen en over mezelf.  Het voorbije schooljaar heb ik mezelf teruggevonden als juf, helemaal. De burn-out die er ooit was, is uit mijn systeem verdwenen. Waarom dan dit gedicht? Simpel, het leven gaat voort met ups en downs. Soms word je keihard tegen de vlakte gedrukt om erna weer de helling op te rennen. En af en toe ga ik me de koningin te rijk voelen.

En deze week stond ik op ontploffen. Ik was vergeten te ventileren, te rusten en dat voelde ik. Soms verwacht ik dat andere mensen zoals mij zijn en dan vergeet ik op dat moment dat iedereen anders is. Maar als ik iemands gedrag niet begrijp, dan begint dat te knagen. Dus als ik in een andere tijd had geleefd, dan zou ik als een echte Amazone op haar paard door het land zijn getrokken om iedereen te gaan helpen, om rechtvaardigheid te gaan verkondigen. Helaas, met zo’n Amazone-pakje zou ik nu enorm opvallen en trouwens ik heb geen paard, enkel een groene Volkswagen Fox.

Vrijdag vielen mijn plannen eerst in het water, maar als juf moet je flexibel zijn, dus vond ik een oplossing. Bliksem Mcqueen leerde zijn vriendjes vandaag om hun plaats te kennen in het verkeer. Nu ja, dat kenden ze wel al door onze vele uitstapjes op straat, maar deze keer ging de juf niet helpen. Terwijl de vele druppels uit de lucht vielen, fietsten we onder het afdak door het verkeer.

Een geluk, de laatste druppel viel rond de middag, waardoor we toch nog in de zon konden fietsten en de dag weer opklaarde.

En waar ik super fier op was, was dat ze voor hun techniekopdracht een auto moesten bouwen die alleen moest kunnen rijden, ze mochten hun handen niet gebruiken. Dus zochten ze naar allerlei oplossingen. Kijk maar.

Vroem, vroem en nog een laatste keer vroem, want het thema is voorbij.

De laatste drie weken worden dan ingezet. Liefst dan geen regendruppels, maar heel veel zon!

In de wereld van Cars

Vroem, vroem , vroemmmm….

De start van de nieuwe week was niet zoals ik had verwacht. Jeukende indringers met een topping die elk moment kon openbarsten, kwamen het leven van mijn dochter binnen. Als ik ze had kunnen bevechten, dan had ik het gedaan, maar helaas had ik enkel zo een witte zeer droge zalf om haar te helpen. Dit in combinatie met de hitte, voerden me tot waanzin. Je hebt 23 tierende kleuters in de klas of een dochter die de hele dag door bleef klagen over de jeukende pijn en jijzelf dat er niets aan kan doen. Dan zit ik liever in de klas, al hou ik ontzettend veel van mijn kleine meid. Want ik voel me niet graag hopeloos verloren. Een geluk dat die vijanden nu zijn verslagen waardoor we nu met Paw patrol kunnen spelen zonder gestoord te worden door een krab-aanval.

Hoe dan ook, na twee dagen thuis voor de dochter te zorgen, kwam ik woensdag met een goed gevoel naar school. Omdat de kleuters dit thema hadden gekozen en ik dus helemaal in hun leefwereld kon duiken. Al had ik mijn collega enkele instructies gegeven en deze niet zozeer werden uitgevoerd, moest ik toch een beetje van nul beginnen. De mindmap over het thema was er al en de letter van de week ook en dat vond ik best prima, maar de verrijking van de hoeken stond nog niet op punt. Nu ja, na twee dagen kan je nog niet alles hebben gedaan. Dus toen de dag begon, liet ik de kleuters vertellen wat ze al hadden gedaan.

De poppenhoek was een garage geworden! Super, dacht ik en samen gingen we ernaar kijken. Ze vroegen of ze hun zelfgemaakte wielen er mochten afhalen. Tuurlijk! In een garage wordt er heel de tijd gewerkt aan onderdelen van de auto. Sommige kleuters gingen ,na het kiezen van de hoeken, meteen aan de slag. Ramen en deuren erin cre√ęren, een stuurwiel in vijzen, een radio uit elkaar halen om weer als nieuw te maken(in hun ogen bruikbaar) en nog zoveel meer. Maar het allerbelangrijkste? Ze verdeelden de taken en werkten samen! Eureka!

In de autohoek hadden ze al een garage met blokken gemaakt met verdiepingen. Maar hoe zouden die auto’s er kunnen geraken? En hoe zouden ze weten waar hun auto stond? Ze zochten naar oplossingen en terwijl ik naar de andere hoeken ging kijken, vonden ze die ook. Zolang je ze genoeg uitdaagt, blijven ze zoeken tot ze vinden wat ze nodig hebben om verder te gaan. Geweldig vind ik dat.

 

We deden natuurlijk nog heel wat andere dingen, maar deze bleven me het meeste bij. Omdat ze al spelend leren. Er zijn nog veel leerkrachten die denken dat het gebruik van werkblaadjes hen voorbereidt op het eerste leerjaar. ¬†Ja, ze zullen leren aan een tafel ¬†zitten en ze zullen dit beschouwen als werken. Maar samen een opdracht afmaken, met z’n allen tot oplossingen komen, de ene uitdagen waar hij nog nooit heeft over nagedacht en de andere in zijn interesse kunnen tegemoetkomen. Dat is de basis om te groeien en dan leren ze ook om een goede werkhouding te hebben, dan leren ze ook om ‘flink’ te zitten. Maar het is nog niet dat schoolse waar ze de volgende jaren continue mee geconfronteerd zullen worden.

Laat een kind een kind zijn. Ander krijgt hij of zij ergens een verkeerd beeld mee over zichzelf, de anderen en hun groeiproces. Kijk naar Trump, die heeft vast goed kunnen rekenen, maar hij heeft nooit geleerd hoe hij moet omgaan met mensen. En dat lieve lezers, begint allemaal in de ontwikkelingsjaren van een kleuter. Het is niet enkel rekenen, taal en verplicht een versje kunnen opzeggen. Het is een totaalpakket van kennis en vaardigheden als je voldoende groeikansen krijgt.

En ik kan met trots zeggen dat ze gegroeid zijn.Allemaal met mezelf inclusief. Ook al blijf ik maar 1 meter 56 centimeter groot .

 

Een wolf in schaapskleren

Ken je het spreekwoord: een wolf in schaapskleren? Vroeger was ik bang van de wolven in sprookjes en vooral van diegenen die zich vermomden. Zoals in Roodkapje, toen hij haar oma nadeed of in de fabel waarbij een wolf zich vermomde als schaap zodat hij onopgemerkt in de kudde kon om toe te slaan. ¬†Het feit dat iemand , zonder dat je het wist, opeens je een mes in de rug kon steken of je geen uitweg bood, deed me daveren op mijn benen. Want de wolf is onvoorspelbaar als je niet door hebt dat hij niet je ‘gelijke’ is.

En omdat ik nu toch over wolven bezig ben, kan ik het ineens over andere beesten hebben ook.

Kippen. Ze zijn allemaal dezelfden op 1 vlak, maar toch zo apart. Ze kunnen allemaal samenhokken als het moet en kakelen als de besten. En weet je , dat kakelen is echt niet zo erg als het lijkt. Zolang ze er niemand mee kwetsen, zijn die kippen ok, zeker omdat er veel kippen bestaan. En zeg nu zelf, elke kip doet het. Nu af en toe zit daar een kalkoen tussen. Een kalkoen lijkt wat op een kip maar laat je niet misleiden. Zij kakelt niet, maar snatert. En snateren , nu ja, is erger dan kakelen. Want die kalkoen hokt samen met de kippen, maar wanneer de kippen al in hun hok zitten, dan slaat de kalkoen haar slag. Dan ‘huppelt’ ze naar de haan. Niet omdat ze graag bij hem is, maar omdat zij niet op de slachtbank wilt komen. Dan doet ze alles maar ook alles zodat haar tere velletje gered wordt en zo krijgt zij de controle over wat er zou kunnen gebeuren. Slim, zou je kunnen zeggen. Kan ik inkomen. Maar ik zou eerder het woord sluw gebruiken. Want dat beest is ego√Įstisch. Wat heb ik geleerd van de kippen in de loop der tijden? Simpel, ik hou niet van kalkoenen. Lelijke beesten.

Als voorbereiding op het volwassen leven, wil ik dat kinderen dit ook weten. Ze moeten weten dat er mensen bestaan die hun om de tuin zullen leiden en dat niet iedereen te vertrouwen is. Dat blindelings vertrouwen alleen kan als je zeker bent van de oprechtheid van anderen.

Want stel, ik ben nu puur hypothetisch bezig, dat je op latere leeftijd in een team terecht komt waar zo een wolf of een kalkoen in zit. Wat doe je dan? Je weet hoe ze in elkaar zitten, maar toch probeer je als team samen te werken en ze een beetje vertrouwen te geven. Maar als je ze ¬†dan de hand (of als we het toch over dieren hebben, de poot) geeft en je even onoplettend bent, dan slagen ze hard toe. Bijvoorbeeld je bent langer buiten in pauze dan toegestaan is en opeens komt de haan naar buiten en kraait er op los. Waarna je achteraf komt te weten dat de kalkoen de kippen is gaan ‘verklikken’ terwijl zij in hun volste recht waren. ¬†Of dat een wolf in schaapskleren de schapen in een richting duwt en erna weet te zeggen dat dit niet haar idee was waardoor iedereen uiteindelijk in haar val loopt? Of dat een collega je zo’n zwaar mes in de rug duwt en dan staat te liegen waar iedereen bijstaat. Om koppijn van te krijgen…tot je beseft dat dit alleen kan stoppen als je ze doet zwijgen of ze uit die kleren trekt. ¬†Figuurlijk naakt en niet letterlijk, niet vies beginnen doen daar. En als je dat kan doen, dan breng je ze van hun stuk, dan begint hun wereld te draaien. Niet zoals een draaimolen, maar wel zoals een neerwaartse spiraal. Dat kan je letterlijk ook zien wanneer ze vaak uit evenwicht zijn.

Wolven en kalkoenen zijn er overal wel, zelfs bij jonge kinderen. De verklikkers, de pesters en de op zich brave kinderen. Zoals het meisje C. in mijn vorige blogbericht. Vandaag gebaarde ze achter mijn rug tegen een andere kleuter dat ze dood was. Je weet wel, met de vinger over de keel. Kwaad was ik omdat ze zich zo lief voordoet, maar toch zo’n dingen doet als ik het niet zie. Liegen en bedriegen mogen geen plaats hebben in mijn klas of op school, maar je kan het niet tegenhouden. Dus probeer ik de waarden en normen te herhalen en hen waar te schuwen voor mogelijke valkuilen. Zodat ze goed voorbereid zijn op hun toekomst, zodat zij een kans hebben om dat mes in de rug te kunnen voorkomen. Zodat zij de wolf overal in kunnen herkennen.

Mijn dochter roept me. “Verhaaltje voorlezen , mama!” Geen probleem schat, mama komt eraan. “Masha en de beer” (Er bestaat nu ook een boek van!)

Komen daar nu ook geen wolven in voor?

Afbeeldingsresultaat voor wolf in schaapskleren

Een meisje heeft geen naam

“A girl has no name” Een quote die ik heb van een fantastische serie die ik al een tijd volg. En het is er 1 die ik met me meeneem want deze zin betekent zoveel en dat kan ik aantonen. Wat ik al hebt meegemaakt de afgelopen weken, heeft hiermee te maken.

Twee weken was ik mentor geweest van een stagiaire met enorm veel doorzettingsvermogen. Ik ken haar niet persoonlijk, maar nu ken ik haar toch beter op professioneel vlak. Van een onzeker, nog niet op niveau werkende en naar tucht zoekende juf groeide ze uit tot een zelfzekere, professionele en gemotiveerde leerkracht. Prachtig vond ik het om haar evolutie mee te maken. Ze noemde me de beste mentor die ze ooit had gehad. Ik ga mezelf geen dikke nek geven en zeg ook hierbij dat dit me niet het meeste heeft geraakt. Haar woorden die zeiden dat ik in haar geloofde, dat ik haar ruimte gaf en dat ik er voor haar was, maakte dat ik me goed voelde. Goed is het woord zelfs niet; ik was blij dat ik iemand had geholpen. Omdat ik haar begeleidingsproject correct had opgevolgd: omdat ik keek naar haar werk en niet wie ze daarbuiten was. Wat heeft dit te maken met mijn titel? Wel, simpel: ik bekeek haar niet subjectief maar objectief zoals naar een meisje zonder naam.Maar uiteindelijk kreeg ze wel een naam, die van toekomstige juf.

Ik kon deze tijd ook goed gebruiken om te kijken naar mijn kleuters. Zo zag ik C, een op het eerste zicht introvert meisje, opeens heel lelijk doen tegen andere meisjes. Bazig doen en wenen omdat ze niet wilde werken. Ik had al gezien dat de hoek waarvoor ze wou kiezen al vol zat en toen had ik haar gezicht zien betrekken.  Ze vertelde de stagiaire dat ze ziek was, maar ik wist nu wel beter. Dus nam ik haar apart en vertelde haar dat ze zoiets niet zomaar mocht zeggen anders zou ze na een tijdje niet meer worden geloofd. Zeker als ze dan echt ziek zou zijn. Ze hield onmiddellijk op met huilen en ging aan het werk.

Af en toe heb je de nood om te praten met iemand, echt praten. Omdat er veel mensen zijn die niet luisteren. Ze doen alsof, maar achteraf besef je dat ze gewoonweg niet weten wat je net hebt verteld. En dan is het fijn dat er mensen zijn die meegaan in je verhaal, die weten wat je doorgaat. En dan krijgt het meisje wel een naam, haar echte naam. (Dit geldt ook voor jongens, voor je denkt dat ik bij 1 of andere vrouwenbeweging zit)

Op mijn dochter haar school was het schoolfeest en dan kon ze na het dansen nog spelen met haar vriendjes. Nu had ze net ruzie gemaakt met haar beste vriendinnetje en ik besloot om even te blijven zitten aan de zijkant. Niet omdat ik haar niet wou helpen, maar omdat er grotere kinderen bij het tweetal kwamen om hen te helpen. En wat was dat mooi om te zien en te horen. Ze vroegen haar en haar vriendinnetje wat er aan de hand was en lieten ze alle twee uitpraten. Dat ze er tijd voor namen en ze dan weer verder hielpen spelen, vond ik zo geweldig. Waarom gebeurt dat niet bij volwassenen? Ze gaven geen voorkeur aan iemand zijn of haar versie, maar keken gewoon naar de situatie. Als volwassenen ruzie maken, dan wordt er meteen vaak 1 kant geloofd, omdat men denkt dat dit de juiste is. Maar er zijn altijd drie kanten aan een verhaal: die van jezelf, die van de andere en dan de waarheid. En deze laatste wordt vaak vergeten. Omdat je dan iemand bent met een naam, een naam die je soms niet toebehoort. Als men je niet kent of niet veroordeelt, dan kom je rechtstreeks bij de waarheid.

Er is zo een collega op het werk die elke collega als een individu beschouwt met zijn eigen talenten en groeipunten. Een leerkracht die ook niet wist wie ik echt was en waarschijnlijk ergens een ‘naam’ van me had opgevangen. ¬†Tot ze ontdekte dat ik ook een meisje was zonder naam, dat ik gewoon ik was. Ze zag wat ik al in mijn mars had en geloofde in mijn kunnen. ¬†En ze blijft dit ook doen. Ook in het moeilijkste punt van mijn carri√®re was ze er. “Blijven doorbijten, je kan dat wel.”

Zo had ik ooit een vriendin die graag in de belangstelling stond. Op zich vond ik dat niet erg, maar naarmate de jaren verstreken , deed ze zich voor als iemand die ze niet was. Waardoor, toen het ruzie was, ik ongeloofwaardig voor sommigen overkwam. Al deed dat toen pijn, nu besef ik ook dat je een bepaalde naam enkel weg krijgt, als je eerlijk bent met jezelf. En ik moest in mezelf geloven en niet geloven wat anderen van me dachten. Dus werd ik een meisje zonder naam. Tot ik weer mezelf was. Tot ik het meisje die ,Annelies heet, terug werd.

Hallo! Wie ben jij?

 

 

Kritisch of overdreven?

Op uitstap met ouders kan op verschillende manieren worden be√ęindigd. Soms was het echt reuze en soms vraag je je af waarom je ze toch mee vraagt.

Nu ik mama ben, begrijp ik hoe belangrijk het is om meer te weten van je kind op school. Je bent bezorgd als je er niet veel van weet. Mijn dochter zegt ook nog niet zoveel of alles in flarden. Zo heeft ze het al enkele dagen weer moeilijk om naar school te gaan.

’s Avonds wenen voor slapengaan en ’s morgens weent ze bij het afscheid nemen. Dus schreef ik een briefje naar haar juf. Gewoon om mijn bezorgdheid te uiten omdat het zo plotseling was begonnen voorbije week. Waarschijnlijk kwam ik over als de overbezorgde mama, maar ik ben liever zeker. Mijn meisje is een gevoelig klein ding en dus weet ik dat je meer dingen moet bespreekbaar maken voor haar. Maar als ik niet weet wat er aan de hand is, is dat heel frustrerend. Dus kreeg ik als antwoord van de juf dat het super gaat in de klas, dat ze happy rondloopt en dat ze nog niets heeft gezien dat verontrustend is. Ook al was ik blij voor haar toch was ik nog niet geheel gerustgesteld. Ok , mijn kleine meid is ook in maart veranderd van het onthaalklasje naar de eerste kleuterklas. Het wegrukken van haar lieve juf waarmee ze een band had gecre√ęerd en haar twee vriendjes waar ze niet kon over zwijgen, zullen wel een rol hebben gespeeld. Maar ze had zich snel aangepast, dus het verbaasde ons dat het nu opeens moeilijker ging. Misschien is het een fase van verlatingsangst. Ze zei wel:” Mama van Zo√ę he, mama. Jij blijven he mama?” Gevoelige kindjes worden vaak aan de kant geschoven. ‘Ze moeten maar wat sterker worden’ wordt er dan gezegd. Helaas, zo gaat dat niet en ik spreek uit ervaring als mama maar ook als persoon. Dus ik snap dat je als ouder vaak kritisch staat tegenover de school en tegenover de juf van je kind.

Aan de andere kant doe je als juf alles wat je kan zodat ieder kind zich thuis voelt in de klas en zodat iedere ouder dit ook weet en aanvoelt. Gisteren had mijn stagiaire een uitstap met de mama’s gepland: lekker picknicken en wat spelen. Goed idee en ze had alles in orde gebracht. Toch was het weer nogal veranderlijk en raadde ik haar aan om iets dichter in de buurt te gaan picknicken. Flexibel als ze is, ging ze ermee akkoord en ik besloot alle mama’s ,van wie bevestigd hadden dat ze gingen komen, op te bellen om de veranderde plannen mee te delen. Er stonden al enkele ouders op het aangegeven tijdstip voor de schoolpoort maar je hebt er die vaak te laat komen. Sommigen hadden het telefoonnummer van anderen en onderling hielden ze elkaar op de hoogte. Er was al een mama die nerveus werd en zei dat het nog lang ging duren eer we iedereen hadden gebeld. Twee mama’s zuchtten omdat de locatie was veranderd. Ik legde uit dat dit voor het welzijn van de kinderen was, maar aan hun uitdrukking te zien was de locatie belangrijker. Ja, ik schrijf het zoals het is, zonder het te verbloemen. Terwijl de stagiaire met de mama’s al naar het kleine park ging(niet zo ver van de school vandaan), belde ik nog naar enkele ouders. Ik wisselde zelfs mijn telefoonnummer uit(wat ik eigenlijk niet doe omdat er nog iets priv√© moet blijven. Ouders kunnen me bereiken aan de poort, via het mapje en via e-mail). Ouders die niet hadden bevestigd , belde ik niet op. Zo was er een mama die een half u te laat op school aankwam en me beschuldigend aansprak. Dat ik haar ook had moeten verwittigen. Ze was niet naar het andere park gegaan, maar was gewoon te laat, ook al hadden we nog tien minuten gewacht. Maar ze had ook niet aangegeven dat ze ging komen.

Wat ik onthouden heb van deze dag is dat elke ouder anders is qua bezorgdheid. Wanneer we terug naar de school gingen, hielden de mama’s hun kind bij de hand, hielpen enkele mee om de veiligheid te bewaren terwijl anderen hun kind bij zich hadden en opeens een andere kant uitgingen zonder iets te zeggen. Nog een geluk dat ik achterbleef , want anders was er een kleuter alleen het zebrapad overgestapt. Samen op uitstap is samen zorg dragen voor hun welzijn en veiligheid.

En dat ik dacht dat een goede daad was om ouders te verwittigen, niet in dankbaarheid werd afgenomen door enkele ouders. Maar er waren ook ouders die enthousiast waren over de hele onderneming en dat de juf inzit met de kinderen. Het is altijd iets als ouders meegaan, want commentaar zal er steeds worden gegeven. Achteraf. Of in een andere taal zodat je het niet begrijpt. Als juf  is dit een stressgebeuren want je staat als het ware in de spotlights. En als we elkaar op dat moment helpen, dan is er minder druk voor de juf. We staan er al elke dag vaak alleen voor. Voor 23 kleuters. Geen 3 of 4.

Sommige ouders zijn ook heel open en eerlijk terwijl anderen dat niet zijn, maar dat is bij leerkrachten ook. Toen we in het gras gingen zitten, was er een grote kliek die bleef zitten terwijl  andere ouders met de kinderen gingen spelen. Vaak zeg ik niets over cultuur omdat dit een moeilijk te bespreken onderwerp is. Maar gisteren, op dat moment en ook erna, zag ik toch de grote verscheidenheid tussen hen. Ik ging bij de grote kliek zitten, al ga ik toegeven dat dit een moeilijke stap was aangezien ze uitbundig in hun taal bezig waren. Maar al gauw voelde ik me op mijn gemak en kon ik met hen over verschillende onderwerpen praatten die anders niet aan bod komen. Wat wel raar was, maar ook aangenaam.

Binnenkort is het schoolfeest bij mijn dochter op school. Hopelijk ben ik dan niet te kritisch want ik bekijk de school met twee visies: die van de ouder en die van een leerkracht. Ik ga gewoon genieten van de mondiale sfeer die ze organiseren en zo zie ik mijn kleine meid ook eens op haar terrein. Daar waar ik amper iets over weet….als ouder welteverstaan. Als ouder op uitstap in haar school.

headshot-van-jonge-blonde-vrouw-met-vergrootglas-1360616